De melkveestal 2.0

··········
Wie de kunstprojecten van CBKU volgt, weet dat er een opdracht liep voor het ontwerpen van een mobiele melkstal door studio Makkink & Bey. Dit project is inmiddels verlegd naar een veel grotere opgave, waarbij samen met Bureau Lami en de Provincie Utrecht zeven architecten/ontwerpers werken aan een ontwerp voor een Innovatieve Veestal.

De opdrachten zijn gekoppeld aan specifieke situaties en plannen van melkveehouders in de provincie. Hoe ziet de melkveestal 2.0 er uit? Wat zijn duurzame en innovatieve alternatieven? De ontwerpen worden vertaald naar haalbare plannen, met elementen die bruikbaar zijn voor de hele (Utrechtse) veehouderij. De deelnemende architecten en ontwerpers zijn FBW Architecten, Back McMaster Architecten, Studio Makkink & Bey, Mei Architecten en stedenbouwers, Studio Frank Havermans, en de Architecten De Vylder Vinck Taillieu.
Mei architecten en stedenbouwers
Mei architecten en stedenbouwers

Het concept van de ‘melkveestal 2.0’

Na maanden van intensief overleggen tekenen en rekenen, pesenteerden zes architecten op woensdag 20 april 2011 in Groenekan het voorlopig ontwerp (VO) van de innovatieve melkveestal die zij voor zes veehouders hebben ontworpen. Vanwege het enthousiasme van alle deelnemende partijen heeft de projectgroep besloten dat alle VO’s in aanmerking komen voor het laatste stadium: de realisatie van een definitief ontwerp.
Op Boerderij Fortzicht in Groenekan gingen de discussies tussen de architecten en veehouders die betrokken zijn bij het project Innovatieve veestallen op 20 april zelfs tijdens de lunch door. “Als boer ben je nogal geneigd om recht-toe-recht-aan te denken,” stelde veehouder Richard Vedder uit Eemdijk tussen twee happen door. “Een stal moet vooral efficiënt zijn. En zo diervriendelijk mogelijk. Omdat architecten vooral gefocussed zijn op het landschap en de architectuur, gaan sommige ontwerpen zo ver dat ik me afvraag of ze wel realiseerbaar zijn.”
Dat is nu juist de kracht van het project van de provincie Utrecht, betoogde architect Ignaas Back van Back McMaster Architecten enthousiast. “Soms moet je een paar stappen te ver doen. Door daarna een paar stappen terug te doen, kom je uiteindelijk toch uit op een ontwerp dat innovatief én realiseerbaar is en de veehouderij naar een hoger plan tilt.”
fbw
FBW

Vrijloopstal populair

Hoewel er grote verschillen zitten tussen de zes VO’s die in Groenekan werden gepresenteerd, kwamen ook enkele overeenkomsten aan het licht. Zo is de vrijloopstal waarin koeien vrij rond kunnen lopen op een onverharde ondergrond populair. In zo’n stal heeft een koe gemiddeld zo’n 14 vierkante meter tot zijn beschikking, wat vergeleken met een ligboxenstal met veel grotere bouwoppervlakten gepaard gaat. De VO’s lieten zien dat daarbij dankzij een doordachte constructie en een zorgvuldige inpassing in het landschap geen sprake hoeft te zijn van een ‘megastal’. Dat komt ook doordat uit nieuwe inzichten op het gebied van dierwelzijn blijkt dat zijmuren niet nodig zijn. In meerdere VO’s werd dan ook volstaan met automatisch oprolbaar windbreekgaas dat de vrijloopstal slechts een paar dagen per jaar afschermt van extreme weersomstandigheden. De rest van het jaar is het uitzicht vanuit de vrijloopstal op het omringende landschap optimaal, zeker als smalle wildroosters worden gebruikt om de koeien binnen te houden.
de vylder vinck taillieu ontwerp Mei architecten en stedebouwers
Architecten de Vylder Vinck Taillieu ontwerp Mei architecten en stedebouwers

Zonne- en windenergie

In alle VO’s waren duurzame technieken als zonne- en windenergie en het gebruik van aardwarmte verwerkt. Bij sommige stalontwerpen zat het innovatieve en duurzame ‘m ook in het multifunctionele ruimtegebruik, het gebruik van duurzame materialen en het hergebruik van bouwmaterialen. In alle gevallen was ook veel aandacht besteed aan de inpassing in het Utrechtse landschap. “De provincie zet maximaal in op innovatie. Als iets bottom-up innovatie is, is het dit project wel.” stelde Fenna van Tol, als landschapsarchitecte verbonden aan de provincie Utrecht.
studio frank havermans
studio Frank Havermans

Beoordeling VO’s

De projectgroep die de VO’s de komende weken gaat beoordelen bestaat uit Eileen van Kesteren (beleidsmedewerker duurzaamheid provincie Utrecht), Jos Geenen (beleidsmedewerker landbouw provincie Utrecht), Fenna van Tol (landschapsarchitecte provincie Utrecht), Frank Lenssinck (Animal Science Group Wageningen UR), Ella Derksen (programmaleider kunstprojecten en adviseur CBKU) en Wytze Brandsma (projectleider Innovatieve veestallen en beleidsmedewerker Bureau LaMi).
backmcmaster
Back McMaster

VO I Back McMaster Architecten

In tekst en beeld worden de zes voorlopige ontwerpen (VO’s) die het project Innovatieve veestallen de afgelopen maanden heeft opgeleverd de komende dagen op deze site geplaatst. Dit is de eerste: het VO van Back McMaster Architecten voor veehouder Wijnand de Wit in Benschop.

Ten opzichte van het vorige ontwerp heeft de vrijloopstal die Back McMaster Architecten voor Wijnand de Wit in Benschop ontwerpt, enkele veranderingen ondergaan. De boerderij ligt in het centrum van het dorp, middenin het Groene Hart. De gemeente wil vanaf de weg het doorzicht naar het landschap open houden. Mede daardoor is de stal ten opzichte van het vorige ontwerp gedraaid. Hij komt haaks op de weg en is smal en lang.
Voordeel hiervan is dat het zicht vanuit de boerderij op het landschap niet wordt belemmerd. Uitgaande van 14 onverharde vierkante meters per koe en in totaal circa 120 koeien, krijgt de vrijloopstal een grote overspanning met een maximale nokhoogte van 11 meter. Gekozen is voor een lichte, open structuur met natuurlijke ventilatie. Er komt een centrale bedieningsstrook met korte ‘looplijnen’ voor de veehouder. De vrijloopstal krijgt houten spanten die in breedte en hoogte verspringen, wat een gevarieerd gevel- en dakbeeld geeft. De van een compostbodem voorziene onverharde zones komen aan de buitenkant van de overkapte ruimten, wat een soepele overgang van stal naar weiland en vice versa garandeert. Een lichte structuur met een lichte fundering en zo weinig mogelijk verharding, resulteert in 200 euro per m2 aan bouwkosten. De twee meter diepte mestkelder van 950 m2 vormt daarbij de grootste investering.  Erboven komen de verharde melkzone en de zorgzone. Overdimensionering van de mestkelder maakt uitbreiding in de toekomst mogelijk. Voor het dak wordt een speciaal lichtdoorlatend foliedoek gebruikt dat eventueel van zonnecollectoren kan worden voorzien. De stal krijgt nadrukkelijk geen industriële uitstraling. Zijmuren zijn er niet. De koeien kunnen worden binnengehouden met behulp van wildroosters. Er komen wel automatisch oprolbare windbreeknetten, die alleen bij extreme weersomstandigheden worden gesloten. Gemiddeld komt dat neer op slechts dertig dagen per jaar, de rest van het jaar kijk je vanaf de weg en de boerderij als het ware door de uiterst transparante vrijloopstal heen.
makkink en bey 1

Studio Makkink & Bey: een binnenstebuiten gekeerde vrijloopstal

Voor de nieuwe stal van biologisch melkveehouder Henk den Hartog in Abcoude zat Studio Makkink & Bey op drie sporen: de vrijloopstal, de koetunnel en de vrijloopkap. Het laatstgenoemde spoor bleek het meeste perspectief te bieden. In de optiek van zowel Den Hartog als Makkink & Bey vormt de vrijloopkap het middelpunt dan wel de katalysator van allerlei kringlopen op het bedrijf. Het bestemmingsplan bleek onder andere een nokhoogte van 10 meter en een goothoogte van 5 meter. Bovendien moet binnen de bouwkavel worden gebouwd.

Makkink & Bey heeft een dragende constructie ontwikkeld die als universele basisstructuur kan dienen van de vrijloopkap. Er zijn meerdere types mogelijk die een relatief goedkope, als het ware binnenstebuiten gekeerde vrijloopstal met alle bijbehorende melk- en verzorgingsfuncties op de begane grond combineren met alle mogelijke functies op de eerste en/of tweede verdieping. Denk aan één bedrijfswoning, meerdere (vakantie)appartementen, een educatief centrum met een panoramaterras of een ‘altijd-goed-weer-camping’. Dankzij de universele structuur kunnen ook deze functies relatief goedkoop worden gerealiseerd.
De vrijloopkap is voorzien van een energievloer. De functies erboven worden verwarmd met behulp van aardwarmte. De zijkanten van de vrijloopstal kunnen bij extreme weersomstandigheden worden afgesloten met behulp van windbreekschermen. Een naam voor de nieuwe stal van Den Hartog is al bedacht: Proefboerderij Den Hartog.
frank havermans 1

Frank Havermans: roestdak nieuwe stal overvleugelt de oude

Deze artist impression toont de stal die Frank Havermans heeft ontworpen voor veehouder Richard Vedder in Eemdijk. Hij begon met enige achterstand aan het project, maar heeft die duidelijk ingehaald. Havermans verrichtte veel typologisch en historisch onderzoek. Hij is gefascineerd door de constructies van boerderijen en dan met name door de gebinten die vanouds het geraamte vormen. De grootte van een stal hoeft volgens hem geen probleem te zijn, als je maar de juiste materialen gebruikt.
Vedder wilde zijn bedrijf naar achteren uitbreiden met een combinatie van een ligboxenstal en een vrijloopstal. Havermans heeft de daken van de oude stallen als het ware open gezaagd en in de ontstane ruimte houten gebinten geplaatst die het nieuwe dak van verroeste stalen platen dragen. Het oppervlak van het open gedeelte dat op die manier wordt overkapt is 2.500 m2, inclusief een vrijloopgedeelte van 500 m2.
Vedder is dankzij zonnepanelen op de daken van de bestaande stallen al voor 70 procent zelfvoorzienend wat het elektriciteitsgebruik van het bedrijf betreft. Daar komt onder andere een windmolen bij, die tussen twee gebinten wordt geplaatst. De nieuwe, doorzichtige stal van Vedder breekt met de trend van de laatste jaren op steeds meer activiteiten naar binnen te verplaatsen. Havermans wil in de nieuwe stal ook meer ruimte creëren voor vogels en insecten.
mei architecten 1

Mei architecten: voorgevel hybride stal krijgt ‘statusgevel’

Slim hergebruik van materialen, flexibiliteit, versnelde groei en de ‘koe als een fabriekje’. Dat waren enkele trefwoorden waarmee architect Robert Winkel van Mei architecten en stedenbouwers op 15 maart het ontwerp omschreef voor de innovatieve stal van Bert-Jan Verboom in Zegveld.
Hergebruik van materialen zit de veehouder in het bloed, daarvan getuigt de bestaande bebouwing op het erf die grotendeels intact wordt gelaten. Het VO dat Winkel op 20 april presenteerde, voorziet in een hybride stal voor maximaal 250 koeien die ligboxen combineert met een grote vrijloopstal. Het bouwblok van 2 hectare maakt zo’n grote stal mogelijk. Het bestemmingsplan stelt echter eisen aan de maximale dakhelling en de maximale goot- en nokhoogte. Daardoor is het nodig de voergang aan de zijkant op te nemen, met een minder schuine dakhelling.
De nieuwe stal zal in fasen worden gebouwd en aansluiten bij de versnelde groei van het bedrijf. Rekening houdend met de Kwaliteitgids Groene Hart, zal de nok haaks op de weg komen te stal. De straatzijde ofwel ‘burgerzijde’ (versus de koezijde) is de statuskant van het bedrijf. Dat blijft zo, in het ontwerp is daar ook de meeste aandacht aan besteed. Verboom heeft plannen voor een bed & breakfast en/of een camping. Dat is mogelijk in de nieuwe stal. Een deel van de muren zal bestaan uit ‘opnieuw uitgevonden groene damwandprofielplaten’. Veel glas aan de voorkant laat passanten zien dat de koeien het goed hebben in de vrijloopstal. “Dierwelzijn moet je kunnen zien”,  aldus Winkel. Boven de stal is aan de voorkant ruimte voor een bed & breakfast of een skybox. In de statusgevel zullen ook prestatiebordjes van de koeien worden geperst.
Een duurzaam aspect is het hergebruik van materialen, alsmede de flexibiliteit die in het VO is opgenomen. Warmte wordt hergebruikt. De ‘boergerichte’ en betaalbare stal wordt natuurlijk opgenomen in het landschap. Het uitgangspunt van ‘de koe als een fabriekje’ resulteert onder andere in de omzetting van mest in Biochar, dat aan de grond wordt toegevoegd en onder andere de vruchtbaarheid en de grondgesteldheid verbetert.
De zijkanten van de vrijloopstal bestaat uit windbreekdoek dat een groot deel van het jaar open zal zijn.
Mei architecten en stedenbouwers vat de innovatieve en duurzame aspecten van de voor Verboom ontworpen stal tenslotte als volgt samen:
-          Specifiek boergericht
-          Uiterst betaalbaar
-          Publieke zijde krijgt meer aandacht
-          Past in het landschap
-          Zelf te maken
-          Uitbreiding conform historisch groeimodel
-          Onderzoek naar hergebruik emissie koe
-          Hergebruik warmte voor woning en stal

Deel dit artikel

  • Facebook
melkveestal
De ontwikkelingen zijn te volgen op de speciaal daarvoor ontwikkelde website www.innovatieveveestallen.nl

Film

Op weg naar melkveestal 2.0. Bekijk het filmpje...